SEIZOENKAARTEN

De nieuwe hoofdsponsor van Limburg Eaters: Microz B.V

[vc_row][vc_column][vc_single_image image=”12948″ img_size=”full” alignment=”center”][vc_column_text]Microz Eaters Limburg. Zoals in april reeds aangekondigd, prijkt vanaf komend seizoen de naam van de nieuwe hoofdsponsor – ‘Microz’ – op de shirts. Microz was afgelopen seizoen subsponsor en – via zusterbedrijf Born Sportscare B.V. – supplier van sportvoeding. Een verdere kennismaking.

Microz is een toonaangevend bedrijf in de voedingssupplementenbranche met productielocaties en hoofdkantoor in Geleen. Het pilletje multivitaminen dat jij wellicht gebruikt, kan zo maar bij Microz in Geleen zijn ontwikkeld.
“Microz richt zich met name op de ontwikkeling en productie van private label voedingssupplementen. We zijn dus geen merknaam, die je in het winkelschap zult zien. Dit maakt het soms lastig om aan de buitenwereld te laten zien wát Microz exact doet. Ook voor potentiële werknemers is het lastig een beeld te vormen, áls ze ons al kennen! Dit is ook één van de redenen om te kiezen voor het hoofdsponsorschap van de Limburg Eaters: meer bekendheid in de directe regio.”
Voor Microz betekent de samenwerking dus een belangrijke stap in de verdere branding van het bedrijf in de regio Sittard-Geleen.

[/vc_column_text][vc_single_image image=”12950″ img_size=”full” alignment=”center”][vc_column_text]

“Naast naamsbekendheid, willen wij ook graag tonen dat er op de arbeidsmarkt genoeg kansen liggen voor iedereen. Wij werken al jaren samen met sociale werkvoorzieningen die wij in-house een plek geven. Daarnaast zijn wij in 2017 gestart met het zelf opleiden van personeel – samen met Citaverde College – tot food operators. Als bedrijf willen we iedereen de kans geven zich te ontwikkelen. Niet voor niets hebben wij aan ons logo ‘Samen Ontwikkelen’ toegevoegd. Dit doen we met ons personeel, maar ook met onze leveranciers, klanten én Microz Limburg Eaters.”

Samen ontwikkelen. Het gebeurt in Sittard-Geleen.
Wil jij je ontwikkelen? www.maakhetbijmicroz.eu.[/vc_column_text][/vc_column][/vc_row][vc_row][vc_column][vc_video link=”https://vimeo.com/284816178″ align=”center” title=”Microz samen ontwikkelen.”][/vc_column][/vc_row]


Wie de jeugd heeft….

We schrijven “kermiswoensdag” 14 juni 2017. Een midweekse avond waar Eaterscoach Andy Tenbult zijn plannen bekend maakte voor het seizoen 2017-2018 en zijn visie gaf met betrekking tot Eaters toekomst. Een drie jarenplan, veel eigen jeugd, modern ijshockey en een brede staf, met als doel binnen drie jaar en vervolgens voor langere tijd aansluiting te vinden bij de top van de BeNe-league. Voor de korte termijn werd om geduld gevraagd van de fans. Immers, om het gestelde drie jarenplan te bewerkstelligen, zal er hard gewerkt moeten worden met de eigen opgeleide maar nog onervaren jeugd en dat heeft tijd nodig.

In het seizoen zagen we vele debutanten op het ijs verschijnen. Levi Smeets, Mitch Koumans, Rick Janssen, Jordi Laan, Thom Smits. Renzo Meulenbeek is nu een vaste waarde. Dean Moors is weer terug op het nest. Joey Geurts die ondanks zijn nog jonge leeftijd de status “Jonkie” ontgroeit lijkt. Kortom, het lijkt zichtbaar dat de plannen van Tenbult en zijn staf niet alleen praatjes vertelden op die 14e juni, maar ook werkelijk tot daden is overgegaan.

Nu, 8 maanden later, zit de reguliere competitie erop en staan we aan de start van de spannendste fase van de competitie. De Final-Four en PO’s komen eraan en Eaters heeft een plaats in beide afgedwongen. Tijd om eens een aantal spelers aan de tand te voelen betreffende hun ervaringen dit seizoen. De keus is gevallen op Mitch Koumans, die representatief is aan de debuterende jongeling. Joey Geurts, jong maar inmiddels een stuk verder in zijn ontwikkeling en debuterend in “andere tijden”. Rick Janssen die het bewijs is van kansen voor een “laatbloeier” met de juiste instelling.

 

Een interview dat wordt aangevuld met opmerkingen van coach Andy Tenbult en teammanager Peter Knops die beiden nauw betrokken waren bij de visie, planning en uitvoering van het “nieuwe Eaters” en “veteraan” Lars van Sloun die de meeste Eatersgames achter zijn naam heeft staan. Laten we beginnen met de gevraagde spelers voor te stellen.

Mitch Koumans is de jongste van het stel. 18 jaar oud, thuiswonend bij zijn ouders en zusje Bo. Mitch heeft al 3,5 jaar verkering en doet 6e jaar gymnasium. Hij wilt vanaf volgend jaar International Business and Strategic Marketing gaan studeren aan de universiteit van Maastricht. Joey Geurts is 20 jaar oud en ook nog thuiswonend samen met ouders en zus Kelly en volgt de opleiding People and Business management op Zuyd Hogeschool. Rick Janssen is 25 jaar oud, enig kind en woont samen met zijn vriendin Britt. Naast het ijshockey werkt hij fulltime bij Courage BV.

Opvallend is, wanneer je met deze spelers in gesprek gaat, hoe verschillend hun start in het ijshockeywereldje is geweest. Mitch heeft vanaf zijn 2e levensjaar de schaatsen ondergebonden, Joey was 9 jr. en geloof het of niet, Rick was 21 jr. toen hij voor het eerst een stick in zijn handen nam. Rick: “Ja, ik was echt heel laat. Een vriend vroeg me voor de grap of ik zin had om te gaan ijshockeyen, waarop ik reageerde met: “Als jij een uitrusting voor mij regelt dan doe ik mee”. Zo begon dat balletje te rollen. Ik raakte dol enthousiast en ieder moment dat ik kon trainen of spelen greep ik aan.”

Voor Mitch begon het allemaal heel anders. Mitch: “Toen ik nog maar net kon lopen namen mijn ouders me al mee schaatsen, daar ben ik heel snel verliefd op geworden want toen ik 2 was, was ik al vastbesloten te gaan ijshockeyen. Op mijn 3e heb ik voor de eerste keer een wedstrijdje gespeeld. Mijn ouders zijn daar altijd een hele grote stimulans in geweest samen met mijn tante Ria Cleber die helaas vorig jaar overleden is en mijn eerste jaar BeNe-League niet heeft mogen meemaken. Verder hebben haar man en mijn opa en oma ook heel veel voor mijn ijshockeyleven betekend.”

Joey komt uit een echte ijshockeyfamilie. Alles binnen de familie Geurts ademt Eaters. Opa Lord die al vanaf de beginjaren van de Eaters bij de club betrokken was en nog steeds regelmatig in de ijshal te zien is. Vader Jacq ex-speler en ex-coach van het 1e team en ook moeder Nicole heeft een aantal jaren het tricot van het damesteam van de Smoke Eaters gedragen. Joey: “Klopt, alles draaide thuis om het ijshockey. Toen ik 9 jaar oud was ben ik zelf ook begonnen met ijshockey. Mijn vader was mijn grote stimulans, mede natuurlijk omdat hij ook altijd geijshockeyd heeft.”

Buiten het ijshockey hebben Mitch, Joey en Rick natuurlijk ook nog andere bezigheden waarbij fitness de gemeenschappelijke deler is. Mitch: “Fitness is nog een grote vrijetijdsbesteding van mij, maar door het seizoen heen is dat passen en meten in combinatie met school en ijshockey. In de zomer doe ik veel aan Down Hill mountainbiken, maar eigenlijk elke sport waar veel adrenaline bij komt kijken doe ik graag.”

Ook Joey deelt de liefde voor het fitness. Joey: “In de zomer bereid ik mij voor op het nieuwe seizoen door naar de fitness te gaan en afgelopen jaren aan Bradsky Bootcamp te doen. Verder vind ik bijna alle sporten leuk dus ook dat doe ik regelmatig. (Basketballen, tennissen en voetballen).” Rick heeft buiten het ijshockey weinig andere hobby’s. Het ontbreekt hem mede door zijn werk gewoon aan tijd. Rick: “Vergeet niet dat ik ook nog bij het 2e team speel. Naast fitness train ik in de zomer bij Bradsky ’s Bootcamp en probeer ik nog wel eens vaker een ijstraining ergens mee te pakken, zoals het trainingskamp van Andy Tenbult.”

Van veel trainen en sporten naar grootse successen is het volgende onderdeel waar we het over gaan hebben. Mitch en Joey hebben op dat gebied veel overeenkomsten, mede doordat ze beiden de volledige jeugd hebben doorlopen. Voor Rick ligt het ervaren van succes op een heel ander gebied. Rick: “Het behalen en mogen spelen in het eerste team en samen met dat team het winnen van de Ron Berteling Schaal is voor mij het grootste succes. Ik heb heel veel te danken aan Alf Philippen. Dankzij hem ben ik bij het 1e divisie team gekomen en vanaf toen is het heel snel gegaan met mijn progressie. Ook heb ik toch wel heel veel geleerd op het trainingskamp van Andy Tenbult.”

Mitch en Joey kunnen putten uit een hele reeks sportieve successen. Joey: “Vroeger in de jeugd ben ik een paar keer bekerkampioen geweest. Het bereiken van de bekerfinales met de Eaters, het tweemaal winnen van de Ron Berteling Schaal en geselecteerd worden voor drie WK’s en een interland tegen België met de senioren zijn momenten waar ik bijzonder trots op ben.” Ook Mitch weet wat finales winnen betekent. Mitch: “ Ook ik ben een aantal keer bekerwinnaar in de jeugd geweest. Twee WK’s (helaas zonder medailles) en een heel aantal jaar oprij topscoorder in de jeugd, maar het mooiste van alles was de Ron Berteling Schaal dit jaar. Dat was de eerste grote overwinning in een league waar de niveaus heel dicht bij elkaar liggen. “

Inmiddels hebben jullie al wat coaches gehad. Zijn er die echt indruk hebben gemaakt? Joey: “Van elke coach leer je heel veel. Van elke coach leer je andere dingen die je maken tot de speler die ik nu ben. “ Rick bevestigt en Mitch vult aan: “Ik heb van heel veel verschillende coaches en trainers een hele hoop geleerd. Ik weet niet meer wie elk van hen was maar 2 staan me heel erg bij. Op hele vroege leeftijd had ik al het geluk om mijn huidige coach (Andy Tenbult) ook als trainer te hebben, hij heeft toen heel erg gehamerd op schaatstechniek waar ik doorheen de jeugd veel profijt van heb gehad. De 2e trainer is Paul Vincent. Ook hier staat schaatstechniek weer centraal, maar ook stickhandeltechniek is iets wat ik heel erg heb proberen op te nemen van hem.”

Wat betreft de overgang van jeugd naar 1e team is het trio unaniem. Het tempo ligt veel hoger in handelingssnelheid en ook fysiek is het veel zwaarder. “In de jeugd kon je af en toe nog wel eens rustig aan doen! Dat gaat bij het eerste niet omdat je veel sneller op alles moet reageren.” Vertelt Joey en Mitch vult aan: “Het grootste verschil met de jeugd is dat we nu van iedereen in het team weten dat ze het serieus nemen en er 100% voor willen gaan.”

IJshockey vraagt veel tijd van jullie. Hoeveel tijd spenderen jullie wekelijks aan de sport en komen jullie zodoende nooit in problemen qua school, werk en andere belangrijke momenten? Mitch: “Ik kan niet precies een getal plakken op hoeveel tijd ik besteed aan ijshockey maar elke dag neemt ijshockey of zorgen dat ik in “shape” blijf wel een paar uurtjes in beslag. Meestal lukt alles wel met school, maar vaker moet toch nog wel het een en het ander gedaan worden in de bus naar uitwedstrijden. Gelukkig is school heel erg steunend en zolang mijn punten goed zijn kan ik werkstukken en huiswerk wel iets later inleveren. “

Joey: “ Gemiddeld spenderen we zo’n 8 uur per week aan trainingen inclusief één uur voor de training aanwezig zijn en weer omkleden na de training. Bij wedstrijden is het verschillend. Een thuiswedstrijd kost je al gauw een uurtje of 5 en uitwedstrijden, afhankelijk waar we naar toe moeten, een uur of 7 tot 9. Gemiddeld zo’n 20 uur denk ik.” “Klopt” vertelt Rick, “Soms zitten daar echte uitschieters bij. Bij mij kan het verschillen tussen 1 tot 3 wedstrijden per weekend. Het ligt eraan hoe het uitkomt met het 1e divisie-team. Tijdens de play offs voor de beker bijvoorbeeld, heb ik in 24u tijd 3 wedstrijden gespeeld.”

Mannen, hebben jullie ook nog wat “ritueeltjes” voor de wedstrijd? Joey: “Niet echt, ik doe ruim van te voren mijn warming up (rennen/stretchen) en daarna begin ik met omkleden voor de wedstrijd.” Mitch vult aan: “Meestal voetballen we nog wat en om de nervositeit wat tegen te gaan is lachen en wat flauwe kullen voor een wedstrijd zeker niet uitgesloten.”

Wat ik zo bemerk, is de staf tevreden over jullie progressie. Straks zal ik teammanager Peter Knops en coach Andy Tenbult hier ook een reactie op vragen, maar vindt je dat zelf ook en hoe/waaraan merk je dat? Mitch: “Zeker ben ik tevreden over mijn progressie dit jaar. Ik heb een hele hoop geleerd, niet alleen van de trainingen en wedstrijden, maar vooral van het kijken naar de topspelers in ons team. Het milieu in ons team laat het ook voor iedereen toe om heel veel te leren, iedereen kan goed met elkaar opschieten en wil elkaar beter maken.” “Eigenlijk merk je dat zonder dat er woorden nodig zijn” zegt Joey. “De ijstijd die ik krijg vertelt veel. Zelf probeer ik elk jaar zoveel mogelijk stappen te maken om beter te worden.”

“Voor mij ligt dat nog anders”, vertelt Rick. “Ook ik wil me altijd blijven ontwikkelen en leg de lat vrij hoog voor me zelf. Mijn grootste probleem is dat ik gewoon de ervaring mis om de juiste beslissingen te maken tijdens de wedstrijden. Daar moet ik nog hard aan werken.” Rick, heb je nog een tip voor dromende laatstarters? “Als het een droom voor je is om het eerste te halen kan je er alles aan doen door veel te trainen. Ben leergierig, probeer altijd positief te blijven en heb vertrouwen, ook al speel je eens een wedstrijd niet.”

Joey, jij bent nu al een seizoen of 4 verbonden aan het 1e team. Bemerk jij een verschil tussen jouw eigen debuut en de debutanten van dit seizoen? “Toen ik debuteerde was ik 16 jr. en speelden er veel meer imports in het team als nu. Ook speelde het oude Tilburg nog tegen ons. We hadden minder verschillende tegenstanders maar het niveau was hoger. Ik moest heel erg knokken voor een plek in die tijd. Er waren wedstrijden bij waar ik alleen mocht kijken of af en toe een shift kreeg. Ik speelde voornamelijk mijn wedstrijden bij het 1e divisie team. Nu krijgen jongens zoals Mitch en Levi gelukkig heel veel ijstijd.”

Mannen, we gaan er zo een eind aan maken. Eerst wil ik nog één ding van jullie weten. Ik heb van Remco Knoren begrepen dat de Final Four echt leeft binnen het team. Aanstaand weekend is het zover. Hoe bereiden jullie je hier op voor? Mitch: “Ik probeer het te beschouwen als normale wedstrijden en de druk achter me te laten. Elke shift zonder goal tegen zal een goede shift zijn, alles meer is extra. Vooral genieten van wat we dit jaar bereikt hebben als gloednieuw en redelijk jong team.” Voor Joey is het niet anders. “Ik bereid me niet anders voor als normaal. Ik probeer voor mijzelf zo goed mogelijk te trainen om straks op het ijs tijdens de wedstrijd te kunnen knallen.”

Ik dank Joey, Mitch en Rick voor hun inbreng en kijkje in hun leven. Heel veel succes tijdens de Final Four en PO’s! Maar vooral leren en genieten…

Dit interview met deze drie toppers heb ik aan teammanager Peter Knops en coach Andy Tenbult laten lezen met het verzoek of ze een reactie willen geven. Maar voordat we Peter en Andy aan het woord laten eerst een paar vragen aan de man uit de huidige selectie, met de meeste Eaters-wedstrijden achter zijn naam, Lars van Sloun. Lars, merk jij een verschil tussen jouw eigen debuutjaar en het debuteren van jonge spelers in dit seizoen en waar zitten de verschillen? “Grootste verschil is toch wel het niveau en de kansen die de huidige debutanten krijgen t.o.v. de kansen die wij vroeger gekregen hebben.”

”In het team waar ik mijn eerste minuten heb mogen maken, streden er 3-4 jongens voor 1 plek. Zonder de huidige jongens te kort te doen waren die 3-4 jongens wel echt grote talenten toen. Denk aan Diego Winters en Jeffrey Mens. Je moest op de training iedere keer laten zien dat jij de meeste aansprak maakte op dat ene plekje”

“Je merkt zeker bij de huidige generatie dat er iets makkelijker over gedacht wordt. Zeker vanwege het feit dat Andy graag met 4 lijnen wil spelen. Daarentegen biedt dit wel de mogelijkheid voor veel jongens om ervaring op te doen. De progressie en voornamelijk het vertrouwen is flink toegenomen in vergelijking met september. Uiteindelijk heb je toch de Geleense jeugd nodig om in de toekomst successen te behalen.”

Lars, kan je wat extra voorbeelden aankaarten betreffende die verschillen? “Denk aan begeleiding en de ijstijd. Ik vind het niveau de laatste 3 jaren dan ook zeker gestegen ondanks de enorme nivellering en de importbeperking. Het heeft ook geen zin om dit te vergelijken met de jaren van Burgess, Forgie en McGarry. Toen bestond het team uit minimaal 8 imports die iedere dag bezig waren met de sport. Alle jongens die nu spelen zitten op school of hebben een fulltime baan. Je kan dan ook niet verwachten dat deze jongens net zoveel trainen als wij 4-5 jaar geleden.”

Om een voorbeeld te nemen: “Het jaar van Mike Pellegrims werd er van je verwacht dat je op maandag naar de fitness ging. Als je dan naar school of je werk moest kreeg je als antwoord dat Sportvision gewoon om 7 uur in de ochtend open ging. Er werd gewoon van je verwacht dat je minimaal zoveel trainingsarbeid leverde als de imports. Zonder weerwoord ging je dan om 7 uur in de ochtend met goede moed naar de fitness.”

Hoe voel je je in dit jonge team. Hoe is de sfeer met zoveel jongelingen en merk je progressie? “We hebben een ontzettend leuke groep. De versterking van enkele nieuwe gezichten heeft ons heel erg goed gedaan. Je hebt tijdens een seizoen altijd wat ups en downs. Door veel blessureleed hebben we flink wat punten laten liggen dit was met een complete selectie nooit gebeurd. Maar dit heb je nu eenmaal te accepteren als groep en daar word je alleen maar beter van. We hebben moeite om een wedstrijd winnend af te sluiten. De laatste vijf minuten van de 3e periode hebben we veel tegenstanders laten terugkomen.”

“Je ziet dat jongens in spelmomenten komen waar ze eerder niet kwamen. Het is voor de progressie van het team heel goed dat zoveel mogelijk jongens het vertrouwen krijgen om in deze spelmomenten te durven en willen spelen. Ik heel ben benieuwd hoe we als team gaan spelen tijdens de Final Four en de Play-offs.”

Lars, als laatste, heb je een advies voor de jonge spelers om het maximale uit hun carrière te halen? “Uiteindelijk heb je het zelf in de hand hoever je kan en wil komen. Met hard werken en heel veel trainingsarbeid kan je in de huidige competitie heel ver komen. Daarnaast moet je niet bang zijn om fouten te maken want uiteindelijk leer je daar van.”

Dan nu de staf aan het woord. We beginnen met Peter Knops. “Andy heeft inderdaad, net zoals zovele coaches uit het verleden, in het begin van het seizoen zijn plan gepresenteerd met dit verschil dat Andy, Alf en de rest van de TS zich aan dit plan hebben gehouden.”

“Structureel met 4 aanvalslijnen en 3 verdedigingslijnen spelen behalve wanneer dit toch door de vele ontstane blessures niet altijd mogelijk was. Iedereen heeft zijn portie ijs gehad en iedereen is in deze gegroeid. Kijk maar eens stuk voor stuk naar het team en dan met name de debutanten en jongelingen… “

Levi Smeets, staat zijn mannetje en is uitgegroeid tot een vaste, stabiele waarde in de verdediging. ( helaas nog niet door iedereen buiten de Laco Eaters in deze op de juiste waarde geschat!) Rick Janssen; heeft zich aan zijn opdracht gehouden en heeft zijn kansen gepakt. Rick kan op korte termijn uitgroeien naar 1 van de vaste 6 verdedigers. Let wel: feitelijk is wat Rick presteert onmogelijk, hij is pas aan zijn 5e seizoen als ijshockeyer bezig, op deze leeftijd pas beginnen is het haast onmogelijk dat hij het spelletje nog onder de knie zou kunnen krijgen, zeker op dit niveau. Rick bewijst het tegendeel!”

“Ook ervaringsdeskundige Erik Tummers staat hier voor een raadsel. Rick weet wat hem te doen staat voor nu en ook de komende tijd. TOP dus. Mitch Koumans gaat verder waar hij vorig jaar bij het eerste divisie gestopt is. Met zijn 18 jaar heeft hij bewezen waar hij naar toe kan groeien… hij heeft alles in huis om een grote meneer in het ijshockey te worden.. Mitch heeft veel geleerd binnen maar zeker ook buiten het ijs.. voor hem geldt echter: blijf te allen tijden met beide voetjes op de rond staan.”

“Dan Joey, in maart wordt hij pas 21! En toch al aan zijn 4e seizoen in de hoofdmacht bezig.. Joey is en blijft een modelspeler met de enige echte juiste instelling.. vol gefocust, gemotiveerd en laat op zijn momenten zien dat er met hem NIET te f*cken valt… Al met al stemt het seizoen mij nu al zeer tevreden en kan er een mooie toekomst ontstaan voor het Geleense ijshockey.. maar dan moet men wel het geduld bewaren en ons het krediet en de tijd geven.. Laten we wel wezen; het seizoen begint nu pas echt: Final 4 en PO’s”

Als laatste dan nog het woord aan Andy Tenbult. Andy, je hebt dit interview kunnen lezen, Is er iets waar je nog wilt corrigeren of wat aan wilt toevoegen? “Dit is een mooi interview met de boys. Wat geschreven is, is herkenbaar en geeft een goed beeld waar ik me prima in kan vinden. Aanvullingen zijn dan ook niet nodig. Ik wil wel het volgende nog kwijt. Het seizoen is beter verlopen als ik vooraf had durven dromen en ik geloof oprecht, ongeacht wat er de komende weken nog gaat gebeuren, dat als we de groep bij elkaar kunnen houden, de toekomst er heel goed uitziet.”

“Ik denk dat niet alleen de jonge spelers zijn gegroeid, maar minstens zo belangrijk voor ons is dat de oudere spelers aan boord zijn gesprongen, zich gecommitteerd hebben aan het plan en zodoende een hele grote invloed hebben binnen het team en het behalen van de doelstelling.”

Andy, twee heel belangrijke weekenden staan voor de deur. Eerst de Final-Four en vervolgens de PO’s. Wil je daar nog iets over kwijt? ”Hopelijk hebben we een mooi weekend in Heerenveen tijdens de Final-Four. Het wordt niet makkelijk maar ook niet onmogelijk. De week daarna beginnen we de PO’s tegen Luik. Als het team compleet en fit is maken we zeker kans om Luik te verslaan en een ronde verder te komen. Maar ongeacht hoe de komende weken ook gaan verlopen, we kunnen terugkijken op een mooi seizoen en trots zijn op wat we tot nu bereikt hebben.”

Tekst en foto’s: Jan Hofstede

Een kijkje in de keuken van: De gastvrouwen en gastheren

“Wat ik geweldig vind als vrijwilliger bij de Eaters is de sport, de sfeer, de complimenten en zeker de steun vanuit de supporters. Wij hebben een leuke groep vrijwilligers en iedereen doet het met plezier.”

Wie tijdens een wedstrijddag de ijshal in Geleen binnenloopt, kan niet om ze heen. Of je nu via de normale entree of via de business-ruimte naar binnen wilt, je komt eerst langs één van de vrijwilligers uit de groep gastvrouwen/gastheren. Een voor iedereen herkenbaar maar onderbelicht en o zo belangrijk onderdeel binnen de Eatersorganisatie. De dames en heren, gekleed in fel geel/groene jasjes of in net pak, zijn één van de redenen waarom de meeste wedstrijden in de Geleense ijshal probleemloos verlopen. En nee, dat gaat niet vanzelf. Daar gaat een grondige voorbereiding aan vooraf. Daar waar nodig door het bestuur aangestuurd, maar verder volledig zelfstandig opererend neemt deze groep haar verantwoording met als doel een wedstrijd naast het ijs probleemloos te laten verlopen. Hoe? Dat gaan we hoofdsteward Richard Dassen en Noëll Hendriks vragen.

Laten we eerst kennismaken met Richard en Noëll. Richard is 46 jaar en inmiddels aan zijn 26ste seizoen als gastheer bezig. Noëll in levensjaren (34 jr.) en als actief gastheer jonger, maar vanuit zijn werkzaamheden als vrijwillig diender in het dagelijks leven zeer zeker niet minder ervaren. Beide heren zijn gelukkig getrouwd en bezield Eatersfan.

Begonnen als fanatiek fan en doorgegroeid naar gastheer, hoe is dat zo gekomen? Richard: “ Ik ben ooit door Peter Gardeniers geïntroduceerd in het Geleense ijshockey en sindsdien niet meer weggegaan. Na een opstootje in een uitwedstrijd in Utrecht, waarbij ik oplossend betrokken was, ben ik door Jack Nout gevraagd om bij de stewards te komen. Dat aanbod heb ik geaccepteerd en ik heb mij binnen een aantal seizoenen opgewerkt tot hoofdsteward.”

Noëll is inmiddels ook al 18 jaar Eatersfan in hart en nieren. Sinds een jaar of 10 ook als Eaters-vrijwilliger. Noëll: “Klopt, ik ben zelf al zeker 10 jaar vrijwilliger bij de Eaters. Op dit moment als gastheer en ik sta aan de zijde van Richard. Samen coördineren wij het gehele gastheer/gastvrouw gebeuren in de ijshal. Richard en ik doen dan ook nog het stukje business-ruimte erbij. Voorheen, ongeveer 8 jaartjes, zat ik bij de “tunnelcrew”. Dus het opbouwen van de spelerstunnel. 2 seizoenen geleden ben ik, mede door mijn praktijkervaring bij de politie, gevraagd door Ron Lahay en Stan Ypeij om Richard te gaan bijstaan in het coördineren.

Bij het vrijwilligerskorps van de Eaters zijn veel van de activiteiten zichtbaar, maar ook heel veel niet. Kunnen jullie iets vertellen over hoe een wedstrijd Eaters er voor een gastheer of gastdame uitziet? Richard: “Mijn wedstrijddag begint rond 16.00. Dan trek ik mijn kostuum aan en zorg ik dat ik om 17.00 uur op de ijsbaan ben. Dan komen we met de gehele groep bij elkaar en bespreken de laatste wijzigingen en aandachtspunten vóór de wedstrijd.”

Noëll vult aan: “We testen vervolgens de portofoons en gaan dan richting de hal waar de mensen van de kaartcontrole de hekken klaarzetten. Bij de spelersruimten gaan de poorten dicht en de kettingen erop. De rest loopt een rondje door de hal en kijkt of er nog ergens spullen liggen die een mogelijk risico vormen.”

Richard: “Voordat het publiek de hal binnen komt, neemt iedere gastvrouw en gastheer zijn/haar plaats in. Dat kan zijn bij de spelersruimten, zodat iemand zonder bevoegdheden dat gebied niet kan betreden. Of bij de kaartcontrole of op strategische plaatsen in de hal. Iedere toegangsmogelijkheid is zo goed als mogelijk afgeschermd. Noëll en ik staan vooral in de business-ruimte en controleren onder andere de polsbandjes en of er geen glaswerk mee de hal ingaat”

 Noëll: “Na de wedstrijd komen we weer bij elkaar. We voeren dan een debriefing waarin alles bespreekbaar is. Een gesprek waarin duidelijk wordt wat goed maar zeker ook fout ging. Maar het belangrijkste van alles is dan de vraag of het weer een geslaagde avond is geweest en dat de avond bij ons wordt afgesloten met een lach. Wij nemen geen zeer mee naar huis. Vrolijk naar huis betekent enthousiast weer aan de start bij de volgende wedstrijd.”

De rol van gastheer en gastvrouw is vooral service en dienstverlenend gericht. Door je herkenbaarheid ben je vraagbaak, je begeleid bezoekers stromen, doet ingangscontrole, je kunt levensreddend handelen (waarover later meer) en je ziet toe op de veiligheid. De randvoorwaarden voor een geslaagd avondje Eaters naast het ijs zijn dus dik in orde, maar soms hebben jullie ook te maken met mensen en emoties.

Jullie rol is ook het herkennen en voorkomen van potentiele opstootjes en om eventuele escalatie zien te voorkomen. Zijn hier richtlijnen voor? Richard: “Mocht er een van de gastheren een “probleem” hebben en er niet uitkomen dan worden wij opgeroepen voor assistentie. In de loop der jaren ken je de meeste supporters en hun gedragingen wel en als hier een afwijking in geconstateerd wordt zijn we extra alert en proberen middels een grapje of praatje het ijs te breken en de situatie vóóraf de kop in te drukken.”

Voorkomen is beter als genezen en babbelen helpt is dus jullie motto? “Dat is heel belangrijk”, reageert Noëll. “Het is niet de bedoeling dat wij er verbaal agressief en met gebalde vuisten gaan inspringen! Het is gewoon zo dat het eerste contact vaak bepalend is voor hoe je een doelstelling kunt bereiken. Het is de bedoeling dat wij de mensen rustig benaderen en verhitte personen weer tot bedaren brengen. Tevens proberen wij, zoveel als mogelijk is, tot een oplossing te komen. Wij zijn er natuurlijk voor alle supporters, ook voor hen die, binnen grenzen, incidenteel hun hoofd verliezen. Wij streven naar een leuke en veilige avond voor iedereen. Met een leuk, fijn en veilig gevoel naar een wedstrijd komen kijken en met dat zelfde gevoel ook weer naar huis gaan. Lukt dat, dan zijn wij dik tevreden.”

Richard: “Gelukkig zijn we met een groep gastheren die dit zelf ook voortreffelijk aanvoelen en ook kunnen oplossen en zodoende krijgen wij ook wat meer rust en kunnen we zelfs de wedstrijden volgen. Wat ook een pluspunt is, zijn de nieuwe jassen die wij via sponsor Ricars Geleen gekregen hebben. Wij zijn nu heel zichtbaar voor elkaar en uiteraard ook voor de fans. Dat werkt! Ook het communiceren via de portofoons, die we via sponsor Acaleph Opleiding, Training en Adviezen B.V. hebben gekregen, helpt enorm.”

Desondanks wilt het een enkele keer toch escaleren of moeten er in ieder geval verder gaande maatregelen genomen worden. Wie is of zijn dan verantwoordelijk? Noëll: “Klopt helaas. Een enkele keer moet je verder gaan en minder populaire maatregel treffen. Richard en ik beslissen daar na overleg over.” Richard: “Gelukkig komt dit zelden voor en kunnen we, mits wij ons natuurlijk ook binnen de richtlijnen begeven, in zo’n geval altijd terugvallen op Ron en/of Stan.”

Naast dit alles geeft een vrijwilligers-job bij de Eaters dit seizoen ook enorme voordelen. Alle vrijwilligers hebben een cursus LRH (Levensreddend handelen) aangeboden gekregen door Acaleph Opleiding, Training en Adviezen B.V. De meesten hebben daar ook dankbaar gebruik van gemaakt. Kunnen jullie daar wat over vertellen? Noëll: “Ten eerste is het top van Acaleph Opleiding, Training en Adviezen B.V. dat zij deze cursus heeft aangeboden voor alle vrijwilligers! Tijdens de cursus kwamen een aantal belangrijke zaken aan bod die niet alleen het levensreddend handelen op de kaart zet maar zeker ook het samenwerken als één team. Samenwerking met als doel het garanderen van veiligheid voor de supporters. Je leert bijvoorbeeld leiding te nemen in een noodsituatie en zorgt ervoor dat anderen jou, en vooral de ‘patiënt’ helpen door korte bevelen op te volgen. Zoals ik al eerder zei, staat veiligheid vooraan en als iedereen in een bepaalde situatie weet wat hij/zij moet doen, dan werkt dat uiteraard zeer bevorderlijk. Zelf beheers ik vanuit het politiewerk de handelingen die in de cursus voorbij komen, maar ik vind het belangrijk dat elke steward of eigenlijk elke vrijwilliger in het algemeen, kennis ervan kan nemen. Mijn vrouw, Daisy, zelf als gastvrouw in de businessruimte actief, heeft ook meegedaan aan de cursus en heeft hier naar eigen zeggen veel uit geleerd. Naast reanimatie, herkennen van bepaalde ziektebeelden als (lage) suikerspiegel of hartinfarct en de hierbij horende levensreddende handelingen, kwam bijvoorbeeld ook aan bod hoe er door de portofoon iemand wordt opgeroepen. Daarbij ook de bewustwording van cruciale zaken, zoals plek in de ijshal (waar sta ik), wat heb ik nodig van degene die ik oproep via porto (kort en duidelijk) en wie roep ik überhaupt op. Allemaal zeer belangrijke factoren in de communicatie!”

Klinkt heel mooi. Niet alleen nuttig voor jullie taak bij de Eaters maar zeker ook zeer bruikbaar in je privéleven en voor je dierbaren. Mannen, we gaan er langzaamaan een eind aan breien. Wat ik nog graag wil weten is, hoe motiveren jullie jezelf om zolang vrijwilliger te zijn bij de Eaters. Wat maakt het vrijwilligers werk zo leuk? Noëll: “Wat ik geweldig vind als vrijwilliger bij de Eaters is de sport, de sfeer, de complimenten en zeker de steun vanuit de supporters. Wij hebben een leuke groep vrijwilligers en iedereen doet het met plezier. Je staat heel erg sociaal in contact met de supporters en dat is natuurlijk ook belangrijk. Je leert heel veel mensen kennen en je kan hele leuke gesprekken voeren met die mensen. IJshockey gerelateerd of vaak om de leukste dingen die in een gesprek voorkomen. Je krijgt ook echt een hele leuke band met de supporters. De meeste vrijwilligers hebben een band met ijshockey. Niet allemaal. Dus als je het gewoon leuk vindt om vrijwilliger te worden en sociale contacten te leggen met de supporters is dit een mooie uitdaging!”

Dus jullie kunnen nog mensen gebruiken? Richard: “Momenteel bestaat ons team uit Ron Cornelissen, Roy de Rooij, Willy van Vlimmeren Patrick Rozenboom, Remco van der Voort, Mickel Baggen, Ronald Blomen, Noëll Hendriks en ikzelf natuurlijk. Dit is aan de krappe kant. We zoeken dan ook nog een aantal enthousiaste mensen die ons team willen ondersteunen. Het is gewoon leuk om onderdeel uit te maken van de Eatersfamilie. We worden serieus genomen door het bestuur, het publiek, sponsoren en we hebben zelfs met een aantal spelers een leuke band. Gelukkig worden we op dit moment enorm ondersteund door Apeople Security. Niet alleen op het gebied van advies maar ook via het plaatsen van stagiaires die participeren binnen ons team onder supervisie van Apeople Security. Daar zijn we heel blij mee maar het blijft toch het aan de krappe kant. Mijn oproep is dan ook, overweeg je om in ons team te stappen, schroom niet en neem contact op. Dan kunnen we samen tijdens een gesprek zien of we voor elkaar geschikt zijn”

Ik dank Richard en Noëll voor hun kijkje in de keuken van de gastheer en gastvrouw. Voel je behoefte om aan de oproep van Richard gehoor te geven, neem dan contact op met Richard Dassen door hem een mail te sturen op het volgende mailadres: Dasse005@home.nl voor een leuk informatief gesprek of spreek een gastheer of vrouw aan in de hal. Zij zullen je dan graag verder helpen. Het bestuur van de Eaters komt hierin ook tegenmoet door potentiële vrijwilligers een gratis “meeloopavond” aan te bieden. Met uitzondering van 21 februari a.s. kun je kosteloos proeven aan het vrijwilligerswerk.

Tekst en foto’s: Jan Hofstede


De tussenstand met Andy….

“Till now we have had a great season, the boys are improving every week, maybe it’s not noticeable but they are growing, my main goal is to try and make us better”

Afgelopen zondag wist Eaters te winnen van Eindhoven en is deelname aan de Final Four en ook het spelen van de PO’s voor de BeNe-league vrijwel een feit. Ja vrijwel, want in theorie zou Amsterdam Geleen nog kunnen passeren op de ranglijst. Maar de kans daarop is zo klein dat waarschijnlijk het kopen van een staatslot een grotere winstkans biedt als dat onze Eaters geen Final Four gaat spelen. Maar om dat risico volledig en 100% uit te bannen is winst aanstaande zondag tegen Amsterdam voldoende om aan iedere mogelijke speculatie een eind te maken.

We gaan nu de beslissende fase van de competitie in. Vrijwel zeker zijn de Final-4 en de PO’s, door deze winst op Eindhoven, veilig gesteld. Wij spelen nog tegen Amsterdam, Herentals, Deurne en Luik. Zelfs de 4e plaats zit er nog in. Als wij de resterende 4 wedstrijden winnen en Herentals verliest in Den Haag… en Nijmegen verliest in Heerenveen, dan zijn we ze voorbij op de ranking. Dat zou een sensationele ontwikkeling zijn met zo’n jong team en zoveel blessure leed. Toch maar eens aan coach Andy Tenbult gevraagd of hij hierop wilt reageren?

Andy: “Ja, tot nu toe hebben we een geweldig seizoen gehad. De jongens groeien met de week. Misschien is dat niet voor iedereen merkbaar, maar ze groeien. Mijn voornaamste doel is om te proberen om individueel en als team beter te worden. Als we daarmee een hogere plek bereiken op die ranglijst, dan zou dat heel mooi zijn, maar dat is niet ons hoofddoel.”

Dus als ik het goed begrijp is dat speculeren meer een fan-dingetje en zijn jullie niet zo bezig met de eind ranking. M.a.w. leven jullie meer van wedstrijd naar wedstrijd, strevend naar maximaal resultaat en zien jullie straks wel hoe we ervoor staan? “Om eerlijk te zijn, als Peter en Alf het er niet over hebben, zou ik niet eens weten waar we exact staan en wat eventueel nog mogelijk is. Ik weet dat we zeer waarschijnlijk bij de laatste vier zullen zitten en daardoor de Final four en de play-offs van de BeNe-League gaan spelen. Dat is naast de eerder genoemde progressie het enige wat telt voor mij dit jaar.”

Kan je een reactie geven op de wedstrijd van afgelopen zondag tegen Eindhoven. Ik zag een snelle wedstrijd met veel echte kansen, maar ook met veel slordigheden van 2 kanten. Heb jij dat ook zo ervaren? “Ja klopt, de wedstrijd van afgelopen zondag was voor ons moeilijker als het zich liet aanzien. Ik denk dat we het betere team waren en daardoor nemen we het soms té gemakkelijk op en maken dan fouten die we normaal niet maken wanneer je wordt gepusht. Maar ik denk dat we van deze fouten leren en hopelijk zodoende later in het seizoen deze fouten kunnen en zullen voorkomen. Ik vond wel dat we met al de vier lijnen een hoog tempo konden ontwikkelen en gewoon heel goede kansen wisten te creëren. We moeten alleen blijven werken aan een beter rendement uit die kansen.”

A.s. zondag de wedstrijd Eaters tegen Amsterdam. Winnen betekent dat Eaters definitief gaat meespelen om de prijzen in Final-4 en PO’s BeNe-League. Blijf je hetzelfde systeem spelen en waar zitten de kansen en de gevaren? “We zullen proberen het zelfde komende zondag te spelen tegen Amsterdam als afgelopen zondag. Vier lijnen en zes verdedigers. Ik denk namelijk dat we ons beste spel spelen wanneer we iedereen gebruiken. Als we hard werken zit de winst er zeker in, maar alleen als we 100% geven en als team spelen”

Andy bedankt voor je reactie. A.s. vrijdag de voorbeschouwing over de wedstrijd tegen Amsterdam die zondag 4 februari a.s. om 19:00 uur gespeeld gaat worden.

Tekst/foto: Jan Hofstede


AAN HET WOORD: Antonín Drobný

[vc_row][vc_column][vc_column_text]Interview met een bescheiden ijshockeyer, door Jan Hofstede

Wie in de zomer door de mooiste natuurgebieden van Tsjechië wandelt, maakt kans hem tegen het lijf te lopen. Samen met zijn hond Baddy, een zwarte Labrador, kan hij urenlang intens genieten van datgeen de natuur te bieden heeft. Winderige zomerse dagen weet hij ook te waarderen. Voor hem een reden om richting waterkant te gaan om zijn 2e passie te beoefenen. Windsurfen. In Geleen kennen we hem als een gedreven defence. Een rustige kerel van 23 jaar. Een reus van een vent. 1.93 lang en ruim 100 kilo zwaar. Vrijgezel en genietend van alles wat om hem heen gebeurd. Een stille kracht die topfit aan het seizoen begon maar in de eerste de beste wedstrijd die er toe deed, de Ron Berteling Schaal, door een ongelukkige check geblesseerd raakte en voor herstel weer naar zijn vaderland terug ging. Inmiddels heeft hij zich weer bij de selectie gevoegd. We hebben het over Antonín Drobný.

Anton is geboren in het Tsjechische Kadaň en is opgegroeid in Klášterec nad Ohřím. Hij komt uit een gezin met 2 kinderen en heeft één zus. Hij is een gecertificeerd fitness instructeur die druk doende is de Engelse taal goed onder de knie te krijgen. Omdat zijn pré bij het ijshockey ligt, grijpt hij daarnaast iedere job aan die hem in de gelegenheid stelt in zijn dagelijkse behoeften te voorzien en de ruimte biedt om de sport te kunnen bedrijven.

Eerste vraag is natuurlijk hoe oud hij was toen hij met de ijshockeysport in aanraking kwam en bij welke club?
Anton: “Dat ging eigenlijk vanzelf. Mijn vader is een echte sportfanaat en het sporten zit in de familie. Eigenlijk doet iedereen wel wat aan sport. Mijn vader heeft me al heel jong leren schaatsen. Toen ik een jaar of 5 was, vroegen mijn vrienden me om mee te gaan ijshockeyen In Klášterec. Daar begint het ook allemaal op jonge leeftijd. Goede schaatsklassen en jonge teams. Ik was ook gelijk helemaal gek van het spelletje.”

Dan komt er een moment dat je echt serieus werk bent gaan maken van je carrière. Wanneer was het moment dat je echte progressieve stappen bent gaan zetten?
“Op 14 jarige leeftijd ben ik van Klášterec naar Chomutov gegaan. Daar kwam ik bij Coach Taborsky. Voor mij een belangrijke periode.”

Daarna ben je natuurlijk vele coaches tegengekomen. Is er een coach die er wat jou betreft bovenuit steekt?
“Dat vindt ik moeilijk te zeggen. Er zijn er meerdere geweest. Elke coach heeft in meer of mindere mate zijn kwaliteiten en van iedere coach leer je wel iets. Uiteindelijk wordt je door alle coaches gevormd.”

 

Waar liggen wat jou betreft de hoogtepunten in jouw carrière als ijshockeyer?
“Één van mijn hoogtepunten was het winnen van het junior kampioenschap U20 in 2014. Het seizoen daarna (2015) werd ik kampioen met het junior extra league team. Dat was mijn meest succesvolle seizoen in de derde divisie. In hetzelfde seizoen startte in de ik in de tweede league bij het Tsjechische SK Kadan waarmee we ook de PO’s haalden. Voor mij was dat een zeer succesvolle periode.”

Uiteindelijk ben je dan bij de Laco Eaters in Geleen terecht gekomen. Hoe is dat zo gekomen?
“Mijn agent vroeg me om voor de Eaters te gaan spelen. Uiteraard ben ik me eerst gaan verdiepen in de club. Zodoende kwam ik op een gegeven moment uit bij de beelden op YouTube met daarin de ontvangst van de spelers na het behalen van het kampioenschap in 2012. Ik raakte helemaal enthousiast en besloot direct om hier in Geleen te gaan spelen.”

Hoe voel je je hier in Geleen? Wat is jouw beleving over het team en de staf?
“Ik voel me goed in Geleen. De gehele Eaters organisatie en spelersgroep is gewoon super. Er heerst een echte teamspirit, we willen allemaal winnen. Dat is waar ik het meest van houd. Volledige inzet en samen een doel na streven.”

Blessures zijn altijd vervelend. Jij wint met Eaters de Ron Berteling Schaal en dat betekende gelijk het voorlopig einde van jouw spel bij de Eaters. Hoe heb je dat ervaren? Hoe lang heeft de revalidatie geduurd en wat heb je gedaan om weer fit te worden?
“Ik was in september erg blij met mijn Eaters contract maar raakte geblesseerd door een eigenlijk niets voorstellende check. Gewoon stomme pech! Ik was erg teleurgesteld toen ik het team noodgedwongen moest verlaten en thuis zat. Niet op het ijs kunnen is niets voor mij. Ik wilde zo snel mogelijk herstellen en terug komen naar Geleen. Het heeft me, zoals ik zelf ook al verwachte, 1 maand gekost. Eerst met rusten en daarna weer goed trainen en fitness om zo fit mogelijk terug te kunnen komen.

Hoe ben je weer terug in beeld gekomen bij de Eaters (eind december)?
“Ik heb mijn contacten hier in Geleen altijd goed onderhouden, zowel met de spelers als ook de organisatie. Iedereen wist dat ik graag terug wilde komen. Toen zich rond de feestdagen de kans voordeed ben ik ook meteen gekomen. Bij aankomst eind december wilde ik ook meteen het ijs op. Ik was er klaar voor.”

Wat zijn je plannen voor het volgend seizoen. Wil je er nog een jaartje Eaters aan vast plakken?
“Ik heb altijd wel plannen maar ik wil eerst dit seizoen goed afmaken. Daarna zien we wel verder. “

Anton, bedankt voor je antwoorden en héél veel succes in de rest van dit seizoen.[/vc_column_text][/vc_column][/vc_row][vc_row][vc_column][vc_masonry_media_grid grid_id=”vc_gid:1516746392365-d3c972e7-7317-8″ include=”12447,12446,12445,12444,12443,12442″][/vc_column][/vc_row]


AAN HET WOORD: MAXIME PELLEGRIMS (#64)

[vc_row][vc_column][vc_column_text]Tekst: Jan Hofstede

Vanaf een afstandje bekijk ik de man die de laatste weken noodgedwongen aan de boarding staat tijdens wedstrijden van onze Eaters en stilletjes vraag ik me af… hoe goed kennen wij deze speler eigenlijk? Ja, hij speelt voor de Eaters. Dat weten we allemaal… Toch eens gevraagd aan teamleden hoe zij in een paar woorden deze speler kunnen omschrijven. Al gauw kom je dan op persoonsomschrijvingen als: gedreven, fanatiek, zeer correct en een echte teamplayer. Een “jonk” wat een genot is om in het team te hebben was de opmerking die me het meest bijbleef. We hebben het over Maxime Pellegrims.

Maxime, 25 jaar en geboren en getogen in het Belgische plaatsje Wilrijk, tegen de grens van Antwerpen op een kleine 10 km. van Deurne is een talentvol ijshockeyspeler die super gemotiveerd aan zijn 1e Eatersseizoen begon maar 2 maanden later zwaar geblesseerd het strijdtoneel, hopelijk tijdelijk, moest verlaten. Hoog tijd om nader kennis te maken met deze sympathieke Belg, hem te vragen naar zijn ervaringen bij onze Eaters en zijn verwachtingen voor de toekomst.

Maxime, hoe oud was je toen je voor het eerst met ijshockey in aanraking kwam en op de schaatsen ging staan. En bij welke club heb je de 1e beginselen van het ijshockey geleerd?
“De eerste keer dat ik ben gaan schaatsen was op 5 jarige leeftijd. Ik wilde aanvankelijk beginnen met Judo omdat dit de sport was die m’n vader ook beoefende, maar ik bleek hiervoor nog te jong ( minimum leeftijd was 7 jr. ). Ik ben in die tijd vaker gaan schaatsen in Deurne en dat lukte vrij aardig. Op een dag ben ik eens langs de boarding gaan kijken naar een ijshockeytraining en ik voelde het meteen kriebelen in mijn lijf. Dit wilde ik ook…!! Niet veel later ben ik toen gestart bij de “miniwelpen” in Deurne ( Antwerp Phantoms ).

Wanneer speelde je voor het eerst op het hoogste niveau, bij welke club en onder welke coach?
“Ik heb van mijn 13e tot en met 16e levensjaar in Düsseldorf gespeeld. Dit was op het gebied van jeugdijshockey al een aardig niveau. Vervolgens ben ik terug naar België gegaan om voor de Phantoms Antwerp te gaan spelen. Daarna nog een jaartje bij de Chiefs uit Leuven om vervolgens, op 21 jarige leeftijd bij Herentals, onder coach Paul Vincent, te gaan spelen in de Nederlandse competitie. Toen nog de Eredivisie waar men met 5 imports per team mocht spelen. We speelden toen tegen Tilburg 1, Eindhoven, Heerenveen en uiteraard de Eaters uit Geleen. Een beperkt aantal ploegen, maar het niveau was hierdoor wel hoger.”

Maxime, je zal wel vaak genoemd worden als het neefje van…. De bij iedereen wel bekende Mike Pellegrims. Heeft Mike enige invloed gehad op jouw carrière tot nu?
“Mike heeft me nooit iets opgedrongen maar wel altijd raad gegeven wanneer ik daarom vroeg. Hij heeft mij destijds ook Düsseldorf aanbevolen toen ik de keuze had om op 13 -jarige leeftijd voor Keulen of Düsseldorf te spelen. Ik ben toen op zijn advies gaan spelen voor de DEG-Youngsters.”

Je hebt inmiddels al wat coaches achter je gelaten. Is er ook een coach die echt indruk op jou gemaakt heeft?
“Er zijn wel meerder coaches geweest die een bepaalde indruk achtergelaten hebben. Van iedere coach leer je wel wat maar de beste coach die ik gehad heb, is zonder twijfel Jos Lejeune. Naast het feit dat hij enorm veel ijshockeykennis heeft, is hij ook een mentor voor z’n spelers, zowel op als naast het ijs. Dat beviel mij uitstekend.”

Zoals bij iedere sportman zal ook jouw sportcarrière gekenmerkt worden door een hoogtepunt en dieptepunt. Kan je daar iets over vertellen?
“Hoogtepunt beschouw ik het WK 2016 in IJsland onder Paul Vincent. Met een beperkte spelersgroep hebben we daar zilver behaald. We verloren de beslissende match voor goud toen met 4-3 tegen groepswinnaar Roemenië. Naast een medaille was het ook een geweldige week waarin Paul Vincent echt het beste uit ons zelf heeft gehaald. Ik werd dat jaar ook, volstrekt onverwacht, als beste Belg gekozen van dat WK. Dieptepunten zijn de seizoenen/WK’s waarin je hoopt prijzen te pakken en achteraf met lege handen achter blijft. Vorig seizoen was hiervan wel een voorbeeld. Zowel met de club (Leuven Chiefs) als op het WK kwam het niet tot de gewenste resultaten.”

Hoe ben je uiteindelijk in Geleen terecht gekomen?
“Ik ben in Geleen terecht gekomen nadat teammanager Peter Knops me contacteerde. Ik ben toen naar Geleen gekomen voor een gesprek waarin Andy Tenbult zijn ijshockeyplannen toelichtte en Peter Knops de praktische zaken uitlegde. Een gesprek waaraan ik een positief gevoel overhield en me uiteindelijk ook voor Geleen heeft doen kiezen.”

Wat is jouw beleving/indruk over het spelen in Geleen en onder de technische staf?
“Ik ben heel tevreden en happy hier in Geleen. Ik voel me hier gewaardeerd en gerespecteerd. Alf en Andy vullen elkaar, achter de bank, perfect aan. Zo fungeert Alf meer als mentor en People-coach terwijl Andy meer de ijshockey-praktische beslissingen neemt. Ook het entourage van medische begeleiding/doc en materiaalmannen is allemaal goed geregeld. Dit maakt het zo fijn om hier in Geleen te spelen.”

Op zondag speel je nog een puike wedstrijd tegen Herentals, die met 3-0 gewonnen werd en een paar dagen later gaat het stevig mis tijdens de training. Gevolg is dat je nu al 6 weken langs de kant moet toekijken. Blessures zijn altijd vervelend maar jij zit nu met een echt serieuze blessure opgescheept. Hoe ervaar je dat?
“Ik zit inderdaad met een lastige blessure. Binnenband van de knie is over de volledige diepte gescheurd en ook nog een scheur in de meniscus. Het is een enorme domper, want elke keer als ik naast de kant sta wil ik spelen.”

Heb je een indicatie over hoelang het genezingsproces gaat duren?
“Helaas moet je sommige dingen de tijd geven. Enerzijds is het zo dat die band en scheuren moeten herstellen en weer aan elkaar moeten groeien. Dat is iets waarop ik geen invloed heb behalve het voorkomen dat ik e.e.a. forceer. “Verplicht 2 maanden in een brace” is alles wat de dokters tegen me zeggen. Anderzijds heb ik te maken met het spierverlies dat al na 3 weken enorm toeneemt, de conditie die achteruit gaat en de mobiliteit en soepelheid in de knie die weg is.“

Wat doe je om zo gauw mogelijk weer fit te worden en kunnen we je dit seizoen nog op het ijs verwachten?
“De knie weer soepel krijgen is de taak van de medische begeleiding. Om de conditie weer op peil te krijgen zit ik sinds kort vaak op de spinningfiets, de step en op de loopband en doe ik verschillende oefeningen op een bosu-ball voor stabiliteit en kracht. Op 1 februari worden nieuwe foto’s gemaakt van de knie. Zijn die positief, dan hoop ik op de Play-offs. Zijn die negatief… nee, laat maar, daar ga ik niet vanuit en daar wil ik ook niet aan denken.”

Zo ongelooflijk zonde dat je dit nu gebeurt in je debuutjaar voor de Eaters?
“Het is inderdaad heel jammer dat dit is gebeurd. Het is de 1ste keer in mijn leven dat ik langer dan 2 weken out ben. Net op een moment dat ik mijn vorm vond en ik op een nieuwe positie zou gaan spelen die mij, volgens Alf, prima zou liggen. Hard werken aan de comeback en de dokters hun werk laten doen zeg ik maar.”

Wat zijn je plannen voor het volgend seizoen. Wil je er nog een jaartje Eaters aan vast plakken?
“Ik voel me hier goed en ik heb een prima verstandhouding met teammanager Peter Knops en de rest van het team. Dan zien we het wel voor volgend jaar. Ik wil graag met de Eaters kampioen worden, lukt het dit jaar niet, dan graag volgend jaar.”

Maxime, nog één vraagje. Mike Pellegrims komt met zijn DEG naar Geleen. Hoe ervaren jullie als spelers dat?
“Het is een vrij exicted experiment maar zeker ook een hele eer om tegen zo’n ploeg te mogen spelen. Anderzijds zijn we ons ook wel bewust dat onze kansen bijzonder klein zijn om te winnen en dan is het ook nog maar te hopen dat de selectie tegen die tijd weer compleet is. In ieder geval is die wedstrijd een fantastische voorbereiding op de mogelijke Final-4 waar we nog volop voor in de race zijn.”

Maxime, bedankt voor je tijd en antwoorden. Dat je weer gauw hersteld mag zijn en wij je weer snel op het ijs terug mogen zien.[/vc_column_text][/vc_column][/vc_row][vc_row][vc_column][vc_masonry_media_grid grid_id=”vc_gid:1516221043058-d0c1cf1e-d933-0″ include=”12395,12394,12393,12392,12391,12390,12389,12388″][/vc_column][/vc_row]


INTERVIEW MET LOES “The Voice” SCHOBBEN

De Zamboni heeft het werk erop zitten. Het ijs is gedweild en de lampen gaan uit. De tunnelcrew bouwt de spelerstunnel op en onze spelers komen een voor een het ijs op. Uit de speakers klinkt een stem, zoals we die al vele vele jaren horen, die deelnemende teams, spelers met hun rugnummers en arbitrage bekend maakt. Ons volkslied wordt afgespeeld en de wedstrijd gaat beginnen. Voor een ieder die al langer ijshockeywedstrijden van de Eaters bezoekt een bekend beeld van handelingen vóór de wedstrijd.

Als eenmaal de wedstrijd begonnen is en er op het scherpst van de snede gestreden wordt, komt er een moment van scoren of straffen. En daar horen we die stem weer. “Op assist van nummer 9 Lars van Sloun wordt gescoord door onze nummer 11 Tóóóm Marx…” Het publiek juicht en de stem verdwijnt weer…. stil in de anonimiteit. Vandaag een interview met de persoon, ook wel liefkozend “The voice” genoemd, achter die stem. Loes Schobben.

Loes, 37 jaar getrouwd met Frans Schobben en moeder van twee zoons. Heeft twee schatten van schoondochters en 1 kleinzoon. Zij is al vele jaren het aanspreekpunt voor arbiters tijdens de wedstrijd. De eerste vraag die bij me opkomt is: “Loes, hoe ben je ooit bij het ijshockey betrokken geraakt?”

Loes: “Tja, hoe ben ik bij het ijshockey betrokken geraakt? Heel vroeger in mijn jonge jaren ben ik wel eens wedstrijden gaan kijken. Mijn buurjongen, Wim Bonne, speelde ijshockey vandaar. We waren ieder weekend wel op de ijsbaan te vinden. Zwieren en zwaaien en natuurlijk flirten en warme chocomel drinken bij Lordje (Geurts). Mijn oudste zoon Sebastiaan werd via een vriendje meegenomen naar een training en is niet meer weggegaan. Niet veel later volgde ook zijn broer Arnoud.”

Dan komt er een moment dat je in de official bank belandt en als Bench official aan de slag gegaan bent. Hoe is dat zo gekomen?

Loes: “Zoals bij zoveel verenigingen worden ouders gevraagd om ondersteuning. Via Ton Vorselen ben ik in de official bank beland en heb van hem en anderen de opleiding gekregen. En zo groei je met de kinderen mee als official en stond je ieder weekend in de bank. Soms wel 2 wedstrijden per weekend.”

Loes kan je iets vertellen over de werkzaamheden in de official bank?

Loes: “Als Bench official ben je eigenlijk de administrateur van de scheidsrechter en het team. Voor de scheidsrechter qua goals en straffen en voor het team de wedstrijd- en individuele punten. Bench officials zijn onpartijdig dus moeten in de Bench zich hier ook naar gedragen. Niet altijd makkelijk, maar als team doen we dit redelijk goed.”
“IJshockey is een sport van statistieken en deze houden wij via de e-sheet bij.”

We zien veel mensen in de Bench. Waar liggen hun verantwoordelijkheden en bij wie de eindverantwoordelijkheid?

Loes: “Penaltykeepers zitten in de strafbank en laten de speler weer op het ijs zodra de straf is afgelopen. Dit kan zijn zodra de straf op de klok naar 0 gaat. Maar als een straf niet op de klok staat moet hij/zij goed opletten en aantekenen wanneer een speler het ijs op mag en bij meerdere straffen welke speler.”

“De timekeeper zorgt dat de klok klaar staat voor de wedstrijd en zet de tijd stop/aan zodra de scheidsrechter fluit. Zet de straffen op de klok en de goals. Een timekeeper is vaak vingervlug.”

“De official scorer zorgt dat alles netjes op de sheet/e-sheet komt te staan. De e-sheet is ook online dus dit zorgt ervoor dat mensen thuis de sheet kunnen lezen en zo de wedstrijd volgen. De goals en straffen worden door de official scorer doorgegeven aan het publiek ter plekke.” “Van alle Bench officials wordt een hoge concentratie gevraagd gedurende wedstrijd. Je moet constant opletten wat er op het ijs gebeurt. Je kunt hier niet verslappen. Als het een snelle wedstrijd is waarin veel gebeurt ben je na een wedstrijd soms doodmoe.”

“De official scorer is de eindverantwoordelijke voor alles wat er in de bank gebeurt.”

Loes, je bent natuurlijk al vele Refs tegen gekomen in je loopbaan. Is er één Ref die er voor jou bovenuit springt?

Loes: “Eigenlijk geen een. Ik heb met alle scheidsrechters wel een goede verstandhouding. Na zoveel jaren kennen we elkaar wel en is er onderling veel respect.“

Oké duidelijk. Loes, er hebben in die jaren natuurlijk wel wat grappige incidenten plaatsgevonden in die strafbank. Vaak zichtbaar voor het publiek maar soms ook hilarische zaken waar wij geen weet van hebben. Welk grappig incident is jou het meest bijgebleven?

Loes: “Voor aanvang van een seizoen, zo’n 15 jaar geleden, speelden we een vriendschappelijke wedstrijd. Joris Peusens en Koen Hermans maakten deel uit van het team. Andy Tenbult was coach. Vlak voor het einde van de 1e periode krijgt Joris een 2 + 10 minuten straf.”

“Voor de “joeks” vroegen we of Joris nog iets te eten wilde, hij moest de 2e periode toch nog 9 minuten komen zitten. Hij lustte wel een frikandel. Nou dat moet je dan niet tegen mij zeggen. Dus via Leonie 2 frikandellen geregeld. Wedstrijd begint weer, Joris stapt weer in de strafbank en schiet in de lach omdat wij die frikandellen hadden geregeld. Gebukt begint hij te happen (Andy mocht dit natuurlijk niet zien).”

“Ineens maakt Koen een domme overtreding. Helemaal nergens voor nodig en komt ook in de strafbank. Zegt Koen gelijk tegen Joris “Gij denkt toch zeker nie dat ik u dat allene loat eten” op zijn plat belgisch. Hilarisch… !!”

Geweldig..!! Loes, we gaan dit interview eindigen. Is er iets wat je verder nog kwijt wilt?

Loes: “Ja zeker, als official is het soms hard werken. Zeker als er meerdere straffen vallen en er veel lawaai is in de hal dan moet je echt alle zeilen bijzetten. Tevens moet ik erop letten dat alles goed wordt ingevoerd en dat de penalty keepers de juiste tijden hebben waarop de spelers weer het ijs op mogen. Zeker als de spelers ook nog eens staan te schreeuwen. En toch heeft dit alles ook weer zijn charme.”

“Het enige waar ik slecht tegen kan is als er supporters in het publiek een fluitje hebben en hiermee het spel proberen te ontregelen. Ze snappen niet hoe gevaarlijk dit is. Ze benadelen hiermee hun eigen spelers. Als zij fluiten en een speler stopt terwijl er al een check wordt ingezet kan dit heel gevaarlijk zijn. Dit noem ik dan ook geen supporters.”
Moraal van dit verhaal is dus dat supporters zich moeten beperken tot hun stem en niet met hulpmiddelen gaan spelen die invloed uitoefenen op het spel.

Loes, bedankt voor het kijkje in de keuken van de Bench officials en dat we nog lang van je mogen horen.


Het team is klaar voor de Semi’s…..

De bekercompetitie is klaar. Acht Nederlandse teams die met elkaar, in 2 poules, de strijd aangingen met als gevolg dat vier overgebleven teams – Den Haag, Heerenveen, Eindhoven en Geleen- gaan vechten voor een plek in de finale die op 4 februari 2018 in Den Haag gespeeld gaat worden. Iedereen begint weer op nul. Behaalde resultaten van gisteren geven geen garanties op de resultaten in deze PO’s. Wie o wie komen er in de Uithof tegenover elkaar te staan?

Gisteren een uitgebreide voorbeschouwing, vandaag een kort gesprek met captain Glenn Bakx over hoe het team naar de PO’s toeleeft en zijn verwachtingen.

Glenn Bakx, 28 jaar en sinds 2006 een vaste waarde in het team van de Eaters, mag zichzelf een “ervaren rot” noemen op het gebied van het spelen van PO’s en bekerfinales. Al in zijn debuutjaar wisten de Eaters de finale te bereiken ten kostte van Nijmegen. De verwachtingen waren hoog toen op 17 januari 2007 Amsterdam en onze Eaters de strijd met elkaar aangingen. Een bloedstollende wedstrijd zou het worden, waarin uiteindelijk de overtime de beslissing moest brengen. Math Korthuis prikte in de overtime de 2-3 binnen en Amsterdam ging met de beker lopen. Teleurstelling op en naast het ijs… maar o zo trots op datgene de mannen ons geboden hebben.


Inmiddels 12 seizoenen later kan Glenn terugkijken op behoorlijk wat beker PO’s en ook een 4-tal bekerfinales. Naast Amsterdam werd er ook 2 maal een bekerfinale gespeeld tegen Heerenveen en natuurlijk de geweldige finale van 20 januari 2010 tegen Den Haag waarin Eaters voor de tweede keer in de clubgeschiedenis, en tegen ieders verwachting in, de beker won. Het ultieme schot van Mike Forgie en het “God bestaat” moment van Marcel Houben staat iedereen die erbij was nog stevig in het geheugen gegrift.

Vraag die steeds weer opspeelt bij PO’s is hoe een team zich voorbereid om optimaal aan zo’n PO-serie te kunnen beginnen? Glenn: “Gisteren hebben we een lekkere training gehad. Er heerst momenteel een play-off sfeer binnen het team, waardoor je net dat beetje extra meer focus probeert te vinden. Vanavond de generale training, tactisch fine tunen en vooral dat goede gevoel blijven houden. We hebben er vertrouwen en écht zin in!”

Glenn, het verleden heeft geleerd dat de favorietenrol of underdog posities vooraf helemaal niets zeggen over het mogelijke verloop van de PO-serie. Toch de vraag, wat zijn jouw verwachtingen? Glenn: “Ik ga uit van en verwacht gewoon morgen een aan elkaar gewaagde wedstrijd. Ons team en Den Haag weten precies wat ze aan elkaar hebben en van elkaar kunnen verwachten. Niet alleen vanuit ervaring uit eerder gespeelde wedstrijden tegen elkaar maar ook door goed te kijken naar de livestreams van wedstrijden tegen andere tegenstanders. Spelpatronen worden dan al gauw zichtbaar. Het gaat allemaal om de details.”

Van deze kant dank aan Glenn voor zijn antwoorden en héél véél succes aan het gehele team in deze serie. We gaan het vanaf morgenavond allemaal live meemaken. Of via de livestream of gewoon als support in het stadion. De wedstrijden vrijdag- en zaterdagavond beginnen beide om 20:30 uur.

 

 

 

 


Het ontzichtbare werk van onze materiaalmannen

“Dwing ijshockeyers een keuze te maken tussen de fysiotherapeut en de materiaalman en de score is honderd procent voor die laatste.”
Citaat: Eaterssite 30 januari 2015

Schaatsen blijven het dierbaarste goed van een ijshockeyspeler en die schaatsen, gedijen alleen in de handen van kenners. Mensen als Eaters materiaal-managers Bert Simons en zijn rechterhand Mike Ninaber. In een hokje van een paar vierkante meter in Glanerbrook, pal naast de Zamboni, ontfermen zij zich al jaren over het geharde staal dat de verbinding legt tussen de ijshockeyer en het ijs.

Een zelfgemaakte standaard om ijzers te vervangen. Een, via twee föhns, bedienbaar buizenstelsel om natte ijshockeyhandschoenen te drogen. Het zelf bedacht en zelfgemaakte “stickrek” waar menig ander materiaal-manager jaloers op is. Een draagbaar lichtbakje om de ronding van het ijzer te checken, een slijpmachine, een kast vol tape, vizierreiniger etc. etc. Onontbeerlijke hulpmiddelen om spelers optimaal behulpzaam te zijn bij hun prestaties op het ijs.

Dat alles bevindt zich binnen die paar vierkante meter… ook wel het “heilig hok” van de Eaters genoemd. Vandaag een interview met een van de twee materiaal-managers… Mike Ninaber.

Mike Ninaber is al een jaar of 20 fanatiek supporter van de Eaters en hij is sinds 2006 betrokken bij het team van de Eaters. Hij heeft dan inmiddels ook al de nodige ervaring opgedaan. Mike: “Dit is nu mijn 12de seizoen. Mijn eerste jaar was met coach Dave Hyrsky in het seizoen 2006-2007. Bij toeval kwam ik, vóórdat het seizoen begon, bij Danny Peters (toenmalig teammanager) voor een pizza. Danny runde indertijd een pizzatent. Uiteraard werd er gesproken over ijshockey en toen ik hem vroeg of ze bij de Eaters hulp konden gebruiken had Danny gelijk zoiets van: “Kom maar eens naar de Try-outs, dan kunnen we rustig praten en kan je kennis maken met de anderen rondom het team.” Zo gedaan en het klikte direct. Zodoende ben ik nu al 12 seizoenen betrokken bij de Eaters.”

Wie regelmatig rond het spelersgebied loopt kan niet ontkennen dat zowel Bert als Mike door spelers en staf op handen wordt gedragen. Het respect druipt ervan af. Maar ook arbiters en zelfs spelers van de tegenstanders weten regelmatig het pad naar het Eaters “heiligdom” te vinden om bijvoorbeeld “even” de schaatsen te laten slijpen.

Veel van de werkzaamheden van een materiaal-manager is voor de buitenwereld volstrekt onzichtbaar. De meesten onder ons zien het spelletje op het ijs maar hebben geen idee wat er vooraf aan een wedstrijd, tijdens en achteraf na de wedstrijd, achter de coulissen, allemaal gebeurt. Mike, kan jij wat vertellen over wat de job van materiaal-manager allemaal inhoudt? Mike: “Bij de trainingen is het eerste wat we doen als we binnenkomen… koffie en thee zetten voor de jongens, flessen vullen, pucks buiten zetten, trainingsbord plaatsen etc. etc. maar ook de administratie bijhouden betreffende de bestelling, aankoop van het materiaal, schaatsen, sticks en al het andere wat erbij komt kijken”.

“ Bij uitgames worden op de donderdagtraining de meeste schaatsten geslepen, de materiaaltas in gepakt en alles klaar gezet wat we nodig hebben voor de wedstrijd. Op de wedstrijddag zelf zijn wij dan meestal drie kwartier voor vertrek aanwezig om alles klaar te zetten en in de bus te laden. Ik heb ook een volgorde hoe alles erin moet, en dan past ook alles. Dus ja ook ik heb mijn rituelen (lol). Als de materialen in de bus geladen zijn, blijf ik meestal bij de bus om de tassen in te laden.”

“ Als we gearriveerd zijn, wordt alles uitgeladen en binnen alles opgesteld en klaar gezet. Ik begin altijd met de drank.. de sportdrank voor in de rust en in de banken. De bak met een maaltijd vullen met water. Tape klaar leggen. Zodra de spelersbank vrij is maak ik deze wedstrijd klaar. Een half uurtje voor de warming up worden alle viziertjes nog een keer schoongemaakt. Tijdens de wedstrijd sta ik meestal in de bank en ben er voor de mannen als er ook maar iets is. Viziertje vies, braam aan de schaats, stick…noem maar op. Na de wedstrijd word alles weer ingeladen en thuis natuurlijk weer uitgeladen.”

“Bij thuisgames ben ik meestal 3 uur van te voren aanwezig. Ik wil graag in alle rust het kleedlokaal op orde maken, dus de tassen opruimen, alles recht zetten, shirts ophangen, tape klaar leggen drank maken, zodat de spelers zich rustig kunnen voorbereiden op de wedstrijd. Daarna maak ik koffie en thee en ondertussen slijpt Bert de schaatsen. Ik maak de bank klaar en doe weer de viziertjes. Na de wedstrijd moet alles weer worden opgeruimd, zoals de bank, onze materiaalruimte, de shirts en als laatste het eten en het kleedlokaal”.

Kortom, een fikse tijdrovende job. Is er ook een moment dat jullie alles van je af kan zetten en rustig en tevreden naar de wedstrijd kunnen kijken. Mike: “Tja, wanneer zijn we tevreden? Als ik voor mezelf praat, dan ben ik tevreden als alles gedaan is en iedereen probleemloos aan de wedstrijd kan beginnen. Eerder hebben wij ook geen rust.”

Mike, ik had altijd de indruk dat het seizoen 2009-2010, met Mike Pellegrims achter de bank, voor jou een bijzonder seizoen was. Klopt dit en zo ja, kan je daar iets meer over vertellen? Mike: “ Het jaar met Mike Pellegrims was voor mij niet héél anders als anders. Wel was duidelijk hoe door de inbreng van Mike alles veranderde. Veel, misschien voor ons té, professioneler! Het was in ieder geval geweldig om met deze legende te mogen werken. Ik zou het zo weer doen. En dan natuurlijk de bekerwinst in dat jaar! Geweldig om dat te mogen meemaken.”

Ja klopt, die bekerfinale in 2010 was er een om U tegen te zeggen. Waanzinnig spannend met een ongekende euforie in de laatste seconde toen Mike Forgie vanuit een onmogelijke hoek scoorde. Uiteraard zal je in die 12 jaar meer hoogte- en dieptepunten hebben beleefd? Mike: “Goh, hoogtepunten en dieptepunten..? Hoogte punten uiteraard de net benoemde bekerfinale en uiteindelijk de bekerwinst! En ja, natuurlijk het kampioenschap! Wat een jaar was dat..!!! Het contact met de spelers en begeleiding van andere teams vind ik zelf ook echt een hoogtepunt. Dieptepunt zijn zeker de jaren na het kampioenschap met de financiële crisis. Dat is iets wat ik ook wel mee naar huis heb genomen en dat heeft de thuis situatie ook beïnvloed. De verloren finales zijn ergens ook dieptepunten natuurlijk. Eigenlijk alle drama rondom het team de afgelopen jaren zijn wel dieptepunten en nogmaals, mede omdat je al die ellende mee naar huis neemt. Weet je, ik ben verzot op mijn clubje en als het de club niet goed gaat dan raakt me dat.”

In die 12 jaar heb je al veel coaches de revue zien passeren. Zo uit mijn hoofd Hyrsky, Egen, Pellegrims, Cuomo, Eimers, Dumont, Zwarthoed, Geurts, Tenbult, Dreberg etc. Welke coach heeft écht indruk op je gemaakt en waarom? Mike: “Om te beginnen had en heb ik met alle coaches een goed contact en een prima samenwerking, maar als je me vraagt wie er écht uitspringen dan zijn dat Mike Pellegrims en Chris Eimers. Mike vanwege zijn professionele aanpak en Chris op de manier waarop hij de dingen deed. Voor mij gewoon twee fijne mensen om mee te werken.”

Mike, naast de Eaters heb je ook een paar jaar het Nederlands team U20 begeleid. Nu ga je samen met Bert het Nationaal mannenteam begeleiden. Hoe komt dit zo en wat zijn je verwachtingen? Mike: “Door omstandigheden werd ik gevraagd om mee te gaan naar het WK in Belfast. Ondanks de degradatie is me dat super bevallen en dat heb ik dan ook gelijk aangegeven aan Theo van Gerwen. Gelijk heb ik ook aangegeven dat hij mag kiezen waar hij me wil hebben. Of de U20 of het Nederlands mannenteam? Beide is voor mij onmogelijk in verband met mijn werk. Bert is al jaren materiaal-manager van het Nederlands team dus het zal niet veel anders gaan als nu bij de Eaters. We weten wat we aan elkaar hebben en we hoeven eigenlijk geen uitleg. Een topteam dus (lol).”

Mike we gaan dit interview afsluiten. Is er nog iets wat je kwijt wilt? Mike: “ Het begeleiden van een groep sportmannen is gewoon echt leuk om te doen, zeker met de huidige groep. Ik zou het wel als vast werk willen doen. (lachend) Ik realiseer me wel dat ik de mannen in de loop der jaren flink heb verwend met dingen en dat moet wel weer even veranderen (lol)….”


Rowan Delil versus Herentals 3-0.

Door Jos Janssen

Geleen speelde vanavond zijn laatste thuiswedstrijd op de zaterdag. Vrijdag had Geleen nog gespeeld tegen Den Haag in Den Haag. Deze wedstrijd werd kansloos verloren doordat Geleen teveel op de strafbank zat en Den Haag een goede powerplay heeft. Vanavond heeft Geleen eveneens een sterke tegenstander op het programma staan en Herentals zal beslist proberen de punten uit Geleen weg te kapen. Voor beide teams staat de aansluiting bij de top 3 op het spel.  Herentals scoort wat makkelijker dan Geleen en heeft het verdedigend goed voor elkaar. Kortom een wedstrijd van twee teams die aan elkaar gewaagd zijn. Als Geleen de ervaring uit de wedstrijd van Den Haag mee neemt om uit de bank te blijven dan maken zij kans. Wederom vanaf het begin sterk en geconcentreerd aan het spel beginnen en dit 3 periodes lang vol gaan houden.

Geleen startte de wedstrijd zonder de geblesseerde Luca Heutmekersen Michael Sterkens. Jordi Laan stond voor het eerst sinds zijn blessure weer op de sheet. De wedstrijd van vanavond stond onder leiding van referee Pascal Keus. De Geleense starting goalie was Rowan Delil voor Herentals verdedigde Arne Waumans het doel.

1e periode: Vanaf aanvang van de eerste periode zette Herentals Geleen goed onder druk en wist het spel van Geleen te ontregelen met ook een aantal mooie kansen. De defeensie van Geleen hield tegen deze druk stand echter het duurde toch zeker een minuut of 5 a 6 eer de wedstrijd wat meer in balans kwam. In de 6e minuut was de eerste grote scoringskans er voor Slawomir Krzak echter deze mistte helaas. De wedstrijd golfde nog zeker 5 minuten over en weer totdat Geleen in de aanval gaat en Lars van Sloun keihard naast het doel schiet, maar de puck terug springt van het plexiglas naar Tom Marx toe die net komt in schaatsen. Tom hoeft niet lang na te denken en haalt direct uit en als een streep vliegt de puck rechtsboven het doel in: 1-0 (11:20).  Vervolgens krijgt Herentals achter elkaar twee keer een 2 minutenstraf waarbij in de powerplay niet werd gescoord door Geleen. Na de laatste powerplay staat Herentals slechts 5 seconden met een compleet team weer op het ijs als Geleen wederom de trekker over haalt. Wederom op assist van Lars van Sloun weet Vadim Gyesbreghs vanaf de blauwe lijn met een keihard schot het netje achter de goalie te bollen en de 2-0 is een feit (18:33) (feitelijk was het Lars die door de deflectie van het loeiharde schot van Vadim).  De eerste periode werd afgesloten met een stand 2-0.

2e periode: De 2e periode begint wat rommeliger en de wedstrijd golft over en weer met kansen voor beide ploegen. Geleen krijgt nog een straf in de 28e minuut (Jord Smit roughing), echter Herentals weet de aansluiter in de powerplay niet te maken. Nog geen minuut na de powerplay bedienen Tom Marx en wederom Lars van Sloun Slawomir Krzak die door het midden op de goalie af schaatst op maat en ook hij haalt de trekker over voor de 3-0 (30:17). Herentals krijgt deze periode nog een straf, maar Geleen weet niet meer te scoren in de powerplay (die overigens vanavond slecht liep). De rest van de periode waren geen wapenfeiten meer te noteren. 

De tweede periode werd afgesloten met een stand 3-0 (2-0) – (1-0)

3e periode: De derde periode is eigenlijk een voortzetting geweest van de eerdere twee periodes. Over en weer kansen, over en weer straffen, alleen werd er nu niet gescoord. 

Eindstand reguliere tijd 3-0 (2-0) – (1-0) – (0-0)

Algemeen:

Na het laatste fluitsignaal scandeerde het publiek de naam van Rowan Delil… en terecht. Defensief stond Geleen vanavond als een huis en daar waar men toch doorbrak stond Rowan er. Hij groeide naarmate de wedstrijd vorderde in de wedstrijd en was een ware plaag voor de spelers van Herentals.  Tel daarbij drie mooie goals op die stuk voor stuk prachtig binnen geschoten waren, dan weet je ook waarom de winst in Geleen was gebleven.

Waren er ook minpunten?

Jazeker: Geleen was in het begin wat overbluft door het sterk aanvallende en soms ook wel fysieke spel van Herentals. Gelukkig herstelde zich dat na 5 minuten. De powerplay van Geleen was niet goed te noemen en levert daardoor ook te weinig rendement op…. Maar wat maakt het uit. De 3 punten zijn weer in Geleen gebleven, waardoor Geleen Herentals op de ranglijst weer voorbij is. (Geleen staat na deze wedstrijd op de 4e plaats achter Eindhoven (13-24), Nijmegen (10-21), Heerenveen (9-19) en Geleen (8-18). Geleen heeft met 8 wedstrijden dus de minste wedstrijden gespeeld en als je bij deze top 4 naar het aantal verliespunten kijkt staan ze virtueel bovenaan!) 

Pascal Keus had vanavond als referee een van zijn betere avonden. Uiteraard kan hij niet alles zien, maar hij voelde de wedstrijd lekker aan en liet ook alles lekker lopen, waardoor het ook een mooie wedstrijd kon worden.

MOTM:

1. Rowan Delil
2. Tom Marx (1 goals, 1 assist)
3. Lars van Sloun (3x assist).(1 goal 2x assist)

Vooruitkijken: Volgende week staat op vrijdag de uitwedstrijd tegen de (momentele) koploper Nijmegen op het programma om vervolgens op de vertrouwde zondag tegen Amsterdam te spelen.  Thuis moet Amsterdam te pakken zijn.  Tegen Nijmegen zal het moeilijker zijn, maar zeker geen onmogelijke opgave… oftewel genoeg spektakel weer volgende week!


koop jouw seizoenkaart